Er verandert iets wanneer de herfst begint. Het licht wordt zachter, de ochtenden kouder en de dagen korter. De bomen kleuren langzaam geel, oranje en bruin. Tijdens een wandeling kraakt het blad onder mijn voeten en ruikt de lucht anders dan een paar weken geleden. Soms hangt er mist boven de weilanden en lijkt de wereld nog even niet helemaal wakker. Ik vind het een bijzondere wisseling van de seizoenen. Hoewel ik meer een zomer- of lentemens ben, heeft de herfst iets magisch. Niet alleen vanwege de kleuren en de veranderingen in de natuur, maar ook vanwege het gevoel dat de herfst met zich meebrengt.
Alsof er langzaam iets van de haast verdwijnt. De zomer ligt achter ons, met zijn lange avonden, open deuren en dagen waarop we zoveel mogelijk buiten willen zijn. En nu mag het weer anders. Ik merk dat ik daar behoefte aan heb. Meer thuis zijn. Een beetje rommelen in huis. Kaarsen aansteken, muziek draaien, koken en uitgebreid de tijd nemen voor een boek. Een wandeling maken zonder ergens naartoe te hoeven en daarna met koude handen weer thuiskomen. De gordijnen dichtdoen terwijl het buiten langzaam donker wordt. De wereld hoeft even niet groter. Mijn aandacht mag weer naar binnen.
ieder seizoen heeft iets te brengen
Wat ik zo mooi vind aan de seizoenen, is dat ze ons steeds iets anders laten ervaren. In de lente wil alles groeien. De eerste groene blaadjes verschijnen, de tuin komt tot leven en overal lijkt nieuwe energie te ontstaan. We krijgen zin om plannen te maken, dingen aan te pakken en naar buiten te gaan. De zomer is uitbundiger. Lange dagen, warme avonden, eten in de tuin, ramen open en het liefst zo min mogelijk binnen zijn. Er is ruimte om eropuit te trekken, nieuwe plekken te ontdekken en herinneringen te maken.
En dan komt de herfst. Het tempo verandert. De natuur trekt zich langzaam terug en wat eerst volop groeide, laat nu los. Bladeren vallen, bloemen vergelen en gaan hangen en de tuin bereidt zich voor op een periode van rust. De winter brengt vervolgens weer iets anders. Meer stilte, minder licht en een wereld die soms bijna helemaal tot stilstand lijkt te komen.
Natuurlijk loopt het leven niet zo netjes met de seizoenen mee. Ook in de zomer kunnen we behoefte hebben aan rust en ook in de winter kunnen we vol plannen zitten. Toch vind ik het een fijne gedachte dat de natuur niet het hele jaar hetzelfde hoeft te zijn. Waarom zouden wij dat dan wel moeten zijn?
We hoeven niet altijd vol energie te zitten, nieuwe plannen te maken of vooruit te willen. Er zijn momenten om te groeien en momenten om te oogsten. Momenten om naar buiten te gaan en momenten waarop we liever thuisblijven. Misschien is het juist de afwisseling die de seizoenen zo mooi maakt.
wat mag er vallen?
Tijdens mijn herfstwandelingen kijk ik graag naar paddenstoelen. Ik vind het fascinerend hoeveel verschillende soorten je kunt tegenkomen als je er eenmaal op gaat letten. Klein en bijna verborgen tussen het mos, felgekleurd langs een boomstam of in groepjes bij elkaar tussen de bladeren. Er gebeurt zoveel in de natuur wat je niet meteen ziet. Terwijl boven de grond steeds meer verdwijnt, is er onder de grond van alles gaande. Wat afgestorven lijkt, maakt deel uit van een proces waarin voedingsstoffen terugkeren en nieuw leven mogelijk wordt. Ik moet dan weleens denken aan loslaten.
We praten er vaak over alsof het iets is wat we bewust moeten doen. Alsof we op een dag kunnen besluiten dat iets klaar is en het vervolgens achter ons kunnen laten. Maar zo werkt het niet altijd. Soms groeit iets langzaam uit ons leven. Een gewoonte die niet meer bij ons past. Een verwachting die we ooit hadden. Een relatie die verandert. Een idee over hoe ons leven eruit zou moeten zien.
En soms merken we pas na verloop van tijd dat we iets niet langer hoeven vast te houden.
De vallende bladeren herinneren me eraan dat loslaten niet altijd betekent dat iets mislukt is of dat we iets kwijt moeten. Soms heeft iets gewoon zijn tijd gehad. Dat geldt niet alleen voor spullen die we bewaren, projecten waar we aan blijven trekken of plannen die we ooit vol enthousiasme maakten. Het geldt ook voor overtuigingen, gewoontes en verwachtingen die ongemerkt met ons zijn meegereisd. Misschien mogen we onszelf af en toe afvragen wat ons nog voedt en wat vooral ruimte inneemt. Niet om ons leven voortdurend te verbeteren of op te ruimen, maar om te voelen wat nog bij ons past. En wat misschien mag vallen.
naar binnen keren
Als het buiten kouder wordt, verandert ook mijn behoefte aan binnen zijn. Ik krijg zin in warm eten. Een pan soep die rustig staat te pruttelen, geroosterde groenten uit de oven, havermout in de ochtend en thee op een plek waar de zon nog even naar binnen valt. Ook mijn huis voelt anders in de herfst. In de zomer staan de deuren open en lijkt alles naar buiten gericht. Nu schuif ik wat met mijn interieur, leg ik een extra deken op de bank en steek ik eerder op de avond kaarsen aan.
Ik houd van die kleine rituelen. Een wierookje aansteken. Een fijne geur op mijn kussen sprayen voordat ik ga slapen. Een grote mok warme appelsap maken met kaneel, kruidnagel en steranijs. Een lange serie beginnen waar ik helemaal in kan verdwijnen, of eindelijk dat boek lezen dat al een tijdje op me ligt te wachten. Het zijn geen grote veranderingen. Toch maken ze verschil.
Ze helpen me om de overgang naar een ander seizoen niet alleen buiten te zien gebeuren, maar ook zelf mee te bewegen. En misschien is dat wel wat ik zo fijn vind aan deze tijd van het jaar: ik hoef niet steeds iets nieuws te beginnen. Ik mag ook gewoon even blijven bij wat er al is.
ruimte om te landen
De herfst is voor mij ook een uitnodiging om terug te kijken. Wat is er de afgelopen maanden allemaal gebeurd? Wat heeft me blij gemaakt, wat heeft me geraakt en wat heeft meer van me gevraagd dan ik misschien doorhad? Soms volgen veranderingen elkaar zo snel op dat je nauwelijks de tijd hebt om te beseffen wat ze met je doen. Je gaat door, regelt wat geregeld moet worden en past je aan. Pas wanneer het wat stiller wordt, merk je hoeveel er eigenlijk is gebeurd.
Dan is het fijn om niet meteen verder te hoeven. Om ervaringen de tijd te geven om te landen. Om nog niet te weten wat je ervan vindt of wat ze uiteindelijk voor je zullen betekenen. Niet alles hoeft direct een plek te krijgen. Ik denk dat we daar soms wat geduldiger in mogen zijn, met onszelf en met elkaar. De natuur staat ook niet iedere dag in bloei. Er zijn periodes waarin er aan de oppervlakte weinig lijkt te gebeuren, terwijl er ondertussen van alles verandert. Misschien geldt dat voor ons net zo goed.
de schoonheid van een ander tempo
Ik wil niet dat de herfst alleen maar draait om loslaten, opruimen en reflecteren. Alsof we aan het einde van de zomer eerst onszelf en ons huis op orde moeten brengen voordat we aan de winter mogen beginnen. Juist niet.
Ik wil ook gewoon genieten van het seizoen. Van de kleuren, de paddenstoelen, de geur van natte bladeren en de eerste koude neus na een wandeling. Van thuiskomen, mijn jas ophangen en iets warms maken. Van een middag waarop ik niets bijzonders doe en aan het einde toch het gevoel heb dat het een fijne dag was. Misschien hoeven we niet overal een bedoeling achter te zoeken.
Soms is een wandeling gewoon mooi. Een kom pompoensoep gewoon lekker. En een avond op de bank precies wat je nodig hebt. De seizoenen veranderen, of we daar nu bewust bij stilstaan of niet. De bladeren vallen, het licht verschuift en de eerste winterse dagen komen vanzelf dichterbij. We hoeven dat proces niet te versnellen. We mogen ons laten meenemen door het ritme dat zich aandient. Soms naar buiten, soms naar binnen. Soms vol plannen, soms met behoefte aan stilte.
En als de herfst me iets mag leren, dan is het misschien wel dat niet alles het hele jaar door hoeft te groeien. Sommige dingen mogen rijpen. Andere mogen rusten. En er zijn dingen die we niet langer hoeven mee te dragen. Net als de bomen mogen we erop vertrouwen dat niet alles wat valt, verloren is. Soms ontstaat er juist ruimte voor iets nieuws.
Pompoensoep
Ingrediënten: 1 pompoen, 3 wortels, 1 paprika, ½ rode peper, 400 ml kokosmelk, 1 liter water, 1 el ghee, 1 tl kurkuma, 1 tl komijnpoeder, 1 cm verse gember, zout, peper en verse koriander of peterselie.
Bereiding: Schil de pompoen en snijd deze samen met de wortel en paprika in stukjes. Verhit de ghee en bak de kruiden en gember kort aan. Voeg de groenten en rode peper toe en bak even mee. Voeg het water toe en kook 25 min. tot de groenten gaar zijn. Mix tot een gladde soep, voeg de kokosmelk toe en laat nog 5 min. doorkoken. Breng op smaak met zout en peper en garneer met verse koriander of peterselie.




